Discussies verharden, we zien het allemaal. Er hoeft maar iets te gebeuren of de digitale guillotines worden glimmend gepoetst. Grote woorden vol dreigende taal soms en hier en daar wordt de taal zelfs omgezet in acties. Er wordt op trekkers geklommen, vlaggen worden ondersteboven gehangen, er wordt intimiderend langs bepaalde gebouwen gereden, muren beklad en mensen verzamelen zich voor hekken als ‘ongeruste burgers’. Niet op de Wadden gelukkig.
Op de Wadden dreigde die verharding en dreigt misschien nog wel: grote woorden, grove beschuldigingen, in een hoek zetten, etiketteren en dat alles op basis van vermeende plannen. Gelukkig is de toon van de nieuwsbrief van ‘Wij zijn de Wadden’ een verstandige, een toon van informatie verzamelen en zorgen dat je aan tafel komt waar de belangrijke gesprekken gevoerd worden. Die toon stemt tot grote waardering.
Het leek er heel even op dat er Agractie-achtige acties zouden komen, ingegeven door woede en eigenbelang in plaats van verstand en redelijkheid. Het doet mij deugd dat er in het bestuur van ‘Wij zijn de Wadden’ mensen zitten die het doel voor ogen lijken te houden. Dat doel is een Waddengebied waar geleefd, gewerkt en gerecreëerd kan worden, met vanzelf liefde en zorg voor de natuur.
Bij de veel gehoorde kreet dat wij Waddenbewoners zo goed voor de natuur zorgen plaats ik namelijk een kanttekening. Wie wil lopen moet eerst kruipen en stappen en pas na veel training aan een marathon meedoen. Wie wil redeneren gaat eerst kraaien en brabbelen, leert dan praten en kan zich pas dan verdiepen in de kunst van het debatteren.
Wie zegt van de Wadden te houden moet dat laten zien in zijn manier van omgaan met de Wadden, om te beginnen in het kleine. Er zijn tientallen voorbeelden te noemen waarin eilanders en bezoekers niet zo netjes omgaan met het eiland en het Wad. Ik geef er hier één: de peuken die op straat, in het bos, in de duinen en op strand worden gegooid. Het is waar eigenbelang of eigen plezier overheerst of waar het domweg een kwestie is van desinteresse.
Dit is het moment om bij de basis van ‘Liefde voor de Wadden’ te beginnen en beleidsmakers te laten zien hoe we die liefde gestalte geven. Dat is het fundament onder ‘Wij zijn de Wadden’. En daar is nog wel wat werk te doen. ’Wij zijn de Wadden’ geeft een prima voorzet. Het is aan de bewoners, en ook aan de bezoekers die zeggen hart voor de Wadden te hebben, om de bal in te koppen.
Jeanet de Jong







